Merel en Soesja verloren dierbaren en maakten verdriet zichtbaar als rouwfluencers: ’Laten we het er wél over hebben’

roman-kraft-XdbUsFkAwqA-unsplash

Sociale media staan anno 2026 vooral bekend als een plek waar het perfecte plaatje domineert. Juist daarom vallen ze op: jonge makers die niet hun nieuwste aankoop of droomvakantie delen, maar hun verdriet. Op socials groeit een groep ’influencers’ die volgers meenemen in het rouwproces van het verlies van een dierbare.

Toen Sam, de broer van Soesja van Grondelle (29) onverwachts overleed op 29-jarige leeftijd, kwam haar leven tot stilstand. „Ik had veel paniekaanvallen en angstige gedachtes, waardoor ik de deur bijna niet uitkwam. Een jaar na zijn dood besefte ik dat dit niet het leven was dat ik wilde leiden.”
Ze schreef haar gedachtes op in schriftjes en kwam op het idee om haar hersenspinsels over rouw om te zetten in video’s. „Ik dacht: dan moet ik in ieder geval naar buiten. Meer plan dan dat zat er niet achter. Het was vooral houvast voor mezelf in een hele zware periode.”

Meteen na het plaatsen van die video in november 2024, stroomden de reacties binnen. „Toen merkte ik dat er behoefte is aan deze video’s op sociale media”, vertelt ze. Twee jaar later zijn de posts over haar rouwproces niet alleen een persoonlijke uitlaatklep, maar een ontmoetingsplek voor duizenden lotgenoten die zich herkennen in haar verhaal.

Later te maken met de dood
Soesja maakt deel uit van een groeiende groep online makers in Nederland die rouw bespreekbaar maken op sociale media. Ook rouwcoaches en uitvaartondernemers geven via Instagram of TikTok een inkijkje in hun dagelijkse werk, waarin de dood centraal staat. Met hun video’s, podcasts en boeken bereiken ze honderdduizenden mensen en doorbreken ze taboes.

Hoewel het misschien wat ongemakkelijk voelt om bij rouw over een ’trend’ te spreken, ziet rouwonderzoeker Krina Huisman wel een bredere maatschappelijke ontwikkeling waar deze online verhalen onderdeel van zijn. „In het naoorlogse Nederland was er weinig ruimte om over verlies en trauma te praten. Pas vanaf de jaren zestig en zeventig kwam er meer aandacht voor emoties, persoonlijke ervaringen en therapie. Wat er nu gebeurt op sociale media is een moderne voortzetting van die beweging.”

Het is volgens haar dan ook niet gek dat dit aanslaat. „Vroeger maakte de dood veel meer deel uit van het dagelijks leven. Tegenwoordig leven we langer en krijgen veel mensen pas op latere leeftijd te maken met het verlies van een naaste. Jongeren die dat wel meemaken, staan er daardoor vaak alleen voor. Socials bieden een plek waar ze mensen vinden die dezelfde ervaring delen.”

Wees op 27 jarige leeftijd
Dat gevoel van uitzondering zijn, herkent Merel Beks (31) maar al te goed. Nadat ze als 4-jarige haar moeder verloor, overleed in 2022 ook haar vader. „Op 27-jarige leeftijd stond ik er ineens echt alleen voor. Ik was net afgestudeerd, had nog geen vaste baan, geen huis. En dan ben je ineens wees.”
Merel Beks deelt al jaren openhartig over het verlies van haar moeder en nam haar volgers later ook mee in de periode na het plotselinge overlijden van haar vader. „Op sociale media deel ik mijn dagelijks leven en daar hoort rouw helaas ook bij. Door daarover te vertellen, merkte ik hoeveel jonge mensen rondlopen met verlies en verdriet. Ik wilde mijn bereik inzetten om lotgenoten bij elkaar te brengen.”

Begin vorig jaar richtte ze Club Rauw op, een platform voor jongvolwassenen die een dierbare hebben verloren. Inmiddels heeft ze een Whatsapp-community met ruim 1100 leden, die zich aan allerlei groepen kunnen toevoegen om het gesprek met elkaar aan te gaan. „Denk aan ouderverlies, wezen, partnerverlies of broer/zus-verlies.” Daarnaast organiseert ze regelmatig offline borrels waarin zij mensen uit de community samenbrengt.

Verbinden op basis van gedeeld verlies
Verlieskundige Huisman vertelt dat platformen als die van Merel en Soesja een functie vervullen die verder gaat dan alleen het delen van verhalen. „Mensen vinden elkaar daar niet omdat ze bij elkaar in de buurt wonen, maar omdat ze dezelfde ervaring hebben meegemaakt. Dat is heel bijzonder en nieuw. Je verbindt je op basis van gedeeld verlies.”

De rouwonderzoekster benadrukt ook de andere kant daarvan. „Wat we op sociale media zien, is een representatie van rouw. Sommige aspecten worden zichtbaar gemaakt en andere niet. Dat is niet slecht, maar we moeten ons daar wel bewust van zijn en kritisch blijven. Wat wordt er wel getoond? Wat zien we niet? Welke boodschap wordt hier afgegeven?”

Soesja herkent zich daarin. „Social media is één procent van mijn leven. Mensen zien een video van een paar minuten, maar niet alles daaromheen. Ik probeer daarin zo eerlijk mogelijk te zijn, maar uiteindelijk blijft het een geselecteerd stukje van mijn leven.”

Rouwactivist
Waar Soesja twee jaar geleden haar Instagram startte zonder duidelijk doel, heeft ze dat inmiddels wel. Ze noemt zichzelf rouwactivist, schreef er een boek over verlies en wordt regelmatig gevraagd als spreker. „We weten allemaal dat we doodgaan, maar toch praten we er nauwelijks over. Pas als het je overkomt, ga je erover nadenken. Terwijl ik juist denk: laten we het er wél over hebben.”

In de toekomst zou ze zich graag willen inzetten voor rouwonderwijs op scholen. „We krijgen seksuele voorlichting op school, maar de dood komt nauwelijks aan bod, terwijl iedereen er vroeg of laat mee te maken krijgt. Als kinderen al leren dat verlies en verdriet onderdeel zijn van het leven, wordt het later misschien iets minder ongemakkelijk om erover te praten.”

Bron: Telegraaf.nl

Laat een reactie achter





Deze site wordt beschermd door reCAPTCHA en het Google privacybeleid en servicevoorwaarden zijn van toepassing.